
Onze laatste liverecensie.
Onze laatste albumrecensie.
Ons laatste interview.
Onze laatste video.
Vanuit de drukte komt Kaito-gitarist Dave Lake me opeens tegemoet lopen. Hij is kleiner dan ik verwacht had en komt zelfs nauwelijks boven mijn schouders uit. Maar het zijn vooral zijn gigantische bakkebaarden die opvallen. Hij stelt zich voor, begint een sigaret te draaien en kijkt geamuseerd in het rond. Terwijl we op de andere bandleden wachten, vertelt Dave me dat ze de dag hiervoor in Amsterdam zijn geweest, waar ze de toerist hebben uitgehangen en genoten hebben van de plaatselijke paddo’s. Hij is er zichtbaar nog steeds van onder de indruk en lacht nog wat voor zich uit. Ik vraag hem of de naam van de band als Kaito, of als KaitO moet worden geschreven, omdat beide varianten worden gebruikt. Er blijkt geen geniale theorie achter te zitten: “Op dit moment gebruiken we een kleine ‘o’, maar andere keren gebruiken we een grote ‘O’. Je moet er niet veel achter zoeken, we vinden het gewoon leuk staan.”
Vrienden
Als de andere bandleden aan komen lopen blijkt dat Dave niet de enige is die kleiner is dan ik verwacht had. Alle vier moeten ze tegen me opkijken als ze iets willen zeggen, dus besluiten we in het café te gaan zitten. Tijdens het interview zijn vooral Dave en leadzangeres/gitariste Nikki Colk aan het woord. De tengere zangeres heeft een pony tot over haar ogen hangen en de rest van het haar in een paardenstaart. Ze heeft een button opgespeld waarop ‘I Hate Models’ te lezen valt. Drummer Dee Quantrill en bassiste Gemma Cullingford zitten aan de andere kant van de tafel en vinden het niet erg om antwoord te geven op de vragen, maar nog liever hebben ze lol met zijn tweeën. Dee zou wat betreft uiterlijk een bandlid van de Ramones kunnen zijn, terwijl Gemma de hele tijd met vrolijke pretoogjes rondkijkt.
Het viertal uit Norwich/Brighton vormt vanaf 1998 Kaito. Dave en Nikki waren de oprichters van de band. “Wij waren al Kaito toen Gemma en Dee erbij kwamen. Nikki en ik woonden bij elkaar in de buurt en we waren al een tijd bevriend”, aldus Dave. “We hadden dezelfde muzieksmaak en interesses. Op een gegeven moment viel de band waar ik in zat uit elkaar en toen vroeg ik Nikki om samen een band te beginnen. Het was al snel duidelijk dat Nikki zou gaan zingen, want ik kan absoluut niet zingen”, vervolgt hij, waarna hij uitbundig begint te lachen. Gemma neemt het van hem over: “ Ik was gitariste in een andere band, maar voelde me daar niet thuis. Ik ben ook een slechte gitarist. Daarom besloot ik auditie te doen voor Kaito. Ik kende Dee via mijn broertje dus toen we nog een drummer nodig hadden droeg ik hem voor.”
Nieuwe kansen
Na enkele goed ontvangen optredens en 7” singles brachten ze op Fierce Panda het debuutalbum You’ve Seen Us You Must Have Seen Us uit. De tweede plaat, Band Red, kwam vorige zomer al in Amerika uit, terwijl Europa een jaar later pas aan de beurt was. De springerige noisepunk op Band Red is compacter en directer dan op zijn voorganger. “We kregen een paar jaar geleden de kans om in Amerika op tournee te gaan, waardoor we tot vorig jaar geen label hadden in Engeland”, aldus Dave. “We hadden aanbiedingen van kleinere labels, maar we besloten te wachten op het juiste label. Op ons huidige label krijgen we de kans om hier in Europa hetzelfde als in Amerika te bereiken. Dit is dus een volgende stap in onze ontwikkeling.”
Sinds afgelopen zomer kan het viertal leven van de muziek. Voor die tijd hadden ze allemaal nog diverse bijbaantjes. Zo was Nikki serveerster en werkte Dave als boer op een varkensboerderij, wat volgens hem zeer inspirerend werk was. Naar omstandigheden zijn ze trots op Band Red, maar ze zien er naar uit om een nieuw album op te nemen, aangezien ze voor de volgende plaat meer tijd hebben. Toch vervelen de oude nummers nog steeds niet volgens Dee: “Het is niet erg om de nummers vaak te spelen. Je leert ze beter kennen en je krijgt daardoor meer vrijheid. Hierdoor kan het zijn dat je meer ruimte vindt in een nummer, om nieuwe dingen uit te proberen.” Dave voegt toe: “We spelen sinds kort ook voor het eerst met een geluidstechnicus en daardoor klinken de nummers anders en beter.”
Goddelijke inspiratie
Het schrijven van de nummers gaat bijna vanzelf. “Goddelijke inspiratie”, grapt Dee. Nikki is serieuzer: “Er is een bepaalde chemie tussen ons, we kennen elkaar ook al heel lang. De nummers ontstaan en ontwikkelen zich op een spontane manier terwijl we samen spelen.” Voor de zangpartijen maakt Nikki gebruik van diverse effecten en verschillende microfoons. De teksten die ze zingt hoeven niet letterlijk opgevat te worden volgens haar: “Ze komen uit mijn onderbewustzijn, maar ze gaan niet echt ergens over. Ze komen gewoon opeens naar boven gedreven. Ik wil er geen boodschap mee uitdragen, het gaat meer om het geluid: als het maar goed klinkt, dan gebruik ik het. We doen alles voor het perfecte geluid.”
De recensies die Band Red krijgt zijn goed en de band merkt ook dat het publiek hierdoor groter wordt. Nikki praat enthousiast over de lovende recensies in de Engelse bladen Q en Mojo, maar vooral de recensie in de NME maakte indruk: “Er stond een lovend artikel in van ons optreden. De week erna stonden er lange rijen met fans voor de tent waar we moesten spelen!” Maar volgens Dave is beroemder worden geen doel: “We willen niet uit de underground, we hopen alleen dat meer mensen in aanraking komen met een album van Kaito.” Nikki voegt er nog aan toe: “En uiteindelijk hopen we dat mensen zelf de instrumenten gaan oppakken en een band beginnen, nadat ze onze muziek hebben gehoord.”
http://www.kindamuzik.net/interview/kaito-3920/kaito-we-willen-dat-mensen-zelf-de-instrumenten-oppakken/6299/
Meer Kaito op KindaMuzik: http://www.kindamuzik.net/artiest/kaito-3920
Deel dit artikel: